ENCOD BULLETIN 50Gepubliceerd op woensdag 1 april 2009 23:36, door . Gewijzigd op donderdag 2 april 2009 00:40 Alle versies van dit artikel: [English] [Español] [français] [Nederlands] [Português]HET ENCOD BULLETIN OVER DRUGBELEID IN EUROPA NR. 50 APRIL 2009 HET EINDE VAN EEN WERELDWIJD UNIFORM DRUGBELEID Het centrale en belangrijkste resultaat van de Commissie voor Verdovende Middelen (Commission on Narcotic Drugs, CND) van dit jaar (11 tot 19 maart in Wenen) is dat de bewering van éénsgezindheid over het werelddrugbeleid aan diggelen is geslagen. Bij het afsluiten van de vergadering van ‘het hogere niveau’ (met staatshoofden en ministers) van deze CND, bleek dat er een diepe kloof bestond tussen de landen die de drugverdragen ondertekenden. Na maandenlange vruchteloze pogingen om een akkoord te bereiken over schadebeperking (Harm Reduction, HR) bij de voorbereidingen van deze CND, kwam het op de vergadering zelf tot een hoogtepunt toen een meerderheid van landen er in slaagde het begrip ‘schadebeperking’ uit de politieke eindverklaring te weren. De term werd vervangen door de nogal idiote omschrijving ‘gerelateerde ondersteuningsdiensten’. De ernst van de situatie werd geïllustreerd door het initiatief van bijna alle Europese landen om Duitsland bij de sluitingsvergadering op 12 maart te laten verklaren dat voor deze Europese landen de woorden ‘gerelateerde ondersteuningsdiensten’ hetzelfde betekenen als ‘schadebeperking’, zoals zij het al jaren in de praktijk brengen. Dit leidde tot een aantal replieken van Rusland, Japan, Pakistan en andere landen die zich niet wilden neerleggen bij deze afwijking van wat zij zagen als een consensus. In tegenstelling tot andere waarnemers, vond ik het Amerikaanse standpunt in deze discussie redelijk en kritisch. Ze verwierpen de Duitse verklaring echter niet. De barst in het VN ‘drugcontrolesysteem’ gaat eigenlijk niet over schadebeperking. Mogelijk liggen eerder de mensenrechten aan de basis van het dispuut. Tijdens de laatste week van het CND was er veel verontwaardiging toen Singapore zich officieel verdedigde tegen de kritiek op schendingen van de mensenrechten en bleef vasthouden aan het standpunt dat zij het recht hebben om veroordeelden voor drugfeiten lijfstraffen mogen opleggen en voor deze feiten zelfs de doodstraf mogen uitspreken. Veel organisaties verzetten zich daartegen, want volgens het VN standpunt, is de doodstraf niet in verhouding tot de gepleegde misdaad. In plaats van ons te laten meeslepen in de discussie rond de doodstraf, denk ik dat we beter wijzen op het feit dat uit deze discussies blijkt dat een uniform drugbeleid voor de hele wereld een illusie is. Ontwikkelingen in het drugbeleid die lokaal noodzakelijk blijken (zoals de regulering van de cannabismarkt in Nederland) zouden niet afhankelijk mogen zijn van een te bereiken akkoord over een onderwerp dat bepaald wordt door de grote verschillen in culturele en religieuze overtuigingen en waarden.
Sommige landen vinden dat de echte drugoorlog nog moet beginnen, andere landen willen er eindelijk een einde aan maken. Landen die werken met schadebeperking willen daar verder mee gaan, maar worden geremd in de verdere ontwikkeling van deze strategie door landen die druggebruikers liever laten sterven of gewoon ombrengen. Opnieuw is duidelijk dat je onmogelijk een uniform drugbeleid kan opleggen aan de hele wereld en opnieuw is dit een duidelijk argument om een einde te breien aan de wereldwijde verbodspolitiek. Voor de start van het CND was het nog onduidelijk of de NGO’s nog eens de kans zouden krijgen om samen met Antonio Maria Costa, de directeur van UNODC (VN Bureau voor Drugs en Criminaliteit) rond de tafel te zitten. Op dag 2 van de vergadering op het hogere niveau (12 maart), werd een dergelijke vergadering aangekondigd als een ‘Open Dialoog’. Op deze vergadering herinnerde ik Costa aan zijn aankondiging van een onderzoeksdocument over de beschikbaarheid van cannabis en het daarmee gepaard gaande cannabisgebruik in Nederland. Ik vroeg hem wat er ondertussen geworden was van dit document. Deze interpellatie werd opnieuw gefilmd door HCLU (Hungarian Civil Liberties Union) , maar deze keer van op grote afstand want plotseling golden er nieuw regels. Costa zei dat de publicatie van zijn rapport over Nederland werd ‘verworpen’. Helaas kon ik dit niet voldoende verstaan, want anders had ik zeker aangehaald dat er dus een meningsverschil bleek te bestaan met de Nederlandse regering. Ik bleef wel aandringen op de beschikbaarheid van dit rapport, met vermelding van bronnen en referenties. Hij herhaalde gewoon dat hij de vraag al beantwoord had op zijn blog en op de persconferentie van de dag voordien – een persconferentie die alleen open stond voor de pers. Ik merkte op dat hij volgens mij zijn taak niet naar behoren vervulde. Op dat moment besloot de voorzitter dat het tijd was voor de volgende vraag. Het jaar voor reflectie dat zou eindigen met deze CND-vergadering, is blijkbaar niet gebruikt waarvoor het bedoeld was. Mike Trace, voormalig UNODC medewerker en nu een centraal figuur van de het IDPC (International Drug Policy Consortium) wist al langer dat dit zou gebeuren. In een artikel in the Guardian, schreef hij: "We zullen de internationale gemeenschap nog eens zien kiezen voor de politieke en diplomatieke weg van de minste tegenstand. Ze zal niets doen om de miljoenen mensen over de wereld die geraakt worden door drugmarkten en druggebruik een hand toe te steken. Het deprimerende aan de hele zaak is dat we nu al onze zitjes kunnen vastleggen voor 2019 om hetzelfde nutteloze bedrog nog eens te ondergaan.."
De CND 2009 bijeenkomst zou het begin moeten worden van een echt jaar voor reflectie. Zoals ENCOD al eerder voorstelde, moet er een moratorium komen op het instellen van een wereldwijd drugbeleid, ten minste tot de CND van 2010. De bewering dat er over drugbeleid grote éénsgezindheid heerst, is duidelijk fout gebleken. We moeten nu af van het idee van een uniform wereldwijd systeem. Ik ben daarin een optimist, maar ook een realist. Ik ben ervan overtuigd dat we aan de winnende hand zijn, en dat onze tegenstanders in het defensief zijn geduwd. We zijn lange tijd bezig geweest met aandacht te vragen voor de alternatieven en dit ook bespreekbaar te maken op deze vergaderingen. Vandaag begint dit langzaamaan te lukken in Latijns Amerika, in Nederland, in de VS en veel andere plaatsen. De definitieve genadestoot voor het verbodsbeleid zal mijns inziens gegeven worden in de VS en niet in Europa. We kunnen dit betreuren, maar we zullen ons erbij moeten neerleggen. We zien een duidelijke verandering in de publieke opinie op het vlak van drugbeleid in een aantal landen en vooral in de VS. De sterkste aanwijzingen in de afgelopen weken waren het artikel van de Harvard economist Jeffrey Miron en het video interview met hem op CNN. Als de VS een einde stellen aan het drugverbod, zullen veel andere landen snel en graag dit voorbeeld volgen, zei Miron. Wij moeten de druk op politici hoog houden en volharden op de ingeslagen weg die we al jaren volgen. Er is nu een onomkeerbare stroom van ontwikkelingen op gang gebracht. Om te besluiten wil ik graag volgende mail aanhalen die Chris Conrad naar zijn vrienden stuurde op 12 maart: Morales kauwt een cocablad op de VN anti-drugsconferentie
Ik was zo trots dat ik gisteren in dezelfde ruimte zat waar de Boliviaanse president Morales de VN anti-drugconventie tartte door een cocablad te kauwen voor de ogen van de VN vergadering. Een golf van applaus was te horen als reactie op zijn gebaar en zijn mededeling dat coca onlosmakelijk verbonden is met de Boliviaanse cultuur. Hij vertelde de vergadering dat ze de drugsmokkel best wel kunnen aanpakken, maar het cocablad en het coca kauwen zullen niet verdwijnen Ik hoop dat er op een dag iets gelijkaardigs kan gedaan worden met een cannabissigaret.. Ik had echt het gevoel aanwezig te zijn bij een historische gebeurtenis, de ontknoping van de drugoorlog. Protestacties buiten, Morales binnen en verwarring over het mogelijk gewijzigd VS standpunt in combinatie met veel verklaringen dat het beleid zeer binnenkort opnieuw herzien moet worden en geen 10 jaar mag blijven bestaan. Viva(Chris Conrad) Door Freek Polak (met de hulp van Peter Webster)
(Freek Polak kon deelnemen aan de VN vergadering dankzij het Canadian HIV/AIDS Legal Network) N.B.ENCOD HEEFT JOUW STEUN NODIG: Rekeningnr.: 001- 3470861-83 Att. ENCOD vzw - België Bank: FORTIS, Warandeberg 3, 1000 Brussel IBAN: BE 14 0013 4708 6183 SWIFT: GEBABEBB Dit artikel beantwoorden |