ENCOD BULLETIN 63Gepubliceerd op donderdag 6 mei 2010 22:56, door . Gewijzigd op donderdag 6 mei 2010 21:26 Alle versies van dit artikel: [Deutsch] [English] [Español] [français] [italiano] [Nederlands]HET ENCOD BULLETIN OVER DRUGBELEID IN EUROPA NR. 63 MEI 2010 HERVORMING VAN DE SPAANSE STRAFWET Door de aanhoudende gebreken van de Spaanse strafwet zijn er verschillende voorstellen op tafel gekomen, sommige al legitiemer dan andere, om de strafwet te wijzigen. Eén van die voorstellen werd uitgewerkt door Federation Enlace. De gevolgen van de hervorming van de strafwet zullen niet tot Spanje beperkt blijven. Hervorming van de strafwet is vaak een voorloper van mogelijk wetgevende trends in andere lidstaten van de Europese Unie en zelfs buiten Europa. In Europa kunnen we onvoldoende innoveren zonder de steun van de andere lidstaten, en natuurlijk, de Resoluties en Richtlijnen die in Brussel worden gemaakt. Daarom is het vooral belangrijk om te zien wie de eerste stap neemt. De Spaanse strafwet is bijlange na niet ontspannen en permissief. Eigenlijk heeft Spanje één van de repressiefste wetten in Europa, die gebruik maken van maatregelen die ingaan tegen de sociale rehabilitatie van mensen die betrokken waren bij criminele zaken. Meestal neemt men zijn toevlucht tot gevangenisstraf. Meestal blijkt het onmogelijk om meer gepaste en logische maatregelen te nemen op maat van de persoonlijke omstandigheden van de betrokkenen die deze processen ondergaan. Door het grote publiek wordt het zo wel niet begrepen. De maatschappij wordt gedomineerd door de massamedia en enkele politieke partijen die vastbesloten zijn om de straffen te verstrengen. Deze beweging is ook wijdverspreid in de Spaanse gerechtshoven, en ze wordt almaar sterker door de reflex om wetten te veranderen direct nadat een spectaculaire misdaad de publieke opinie erg verontrust.
De inbreng van de media en het grote publiek, dat meestal niet de nodige achtergrond heeft om te discussiëren, nog minder bij dit soort zaken, komt neer in een toevloed van absurde wetswijzigingen zonder wettelijke basis. Principes zoals ‘minimum tussenkomst’, en ‘hersocialisatie’, etc… worden gewoon genegeerd en overtroeft met de “oog om oog” en “ijzern vuist” principes. Het gebruik van bijzonder dramatische gebeurtenissen die door polemisten in de kranten en in talkshows worden opgevoerd, blijkt fataal voor een redelijke en rationele ontwikkeling van de strafwet. De doelen van deze polemisten zijn niet ‘waarheid’ of ‘gerechtigheid’, maar enkel het gebruiken van een agressieve opstelling die hun toegang tot de directies van de mediabedrijven verzekerd. Mensen zonder opleiding of ervaring in het drugveld mogen ingewikkelde zaken, zoals het geval Marta de Castillo of Cristina Martin (13 jarig meisje dood door toedoen van een 14 jarig meisje) becommentariëren. Het is waarschijnlijk de combinatie van een gebrek aan moreel leiderschap en het zoeken naar een eigen identiteit die een eerlijke procedure in de weg staan door het radicaliseren van de voor- en tegenstanders, waarbij de zaak tenslotte volledig uit de hand loopt. Als we hier nog het electorale gebruik van deze gevaarlijke kweekvijver van radicalisme door sommige politieke partijen bij optellen, komen we uit bij een volledig gedesinformeerde, onrealistische maatschappij die overdreven, onnodige en stuntelige sociale - en strafmaatregelen eist. Alle pogingen om wetten te wijzigen op basis van het algemene onveiligheidsgevoel in de hedendaagse maatschappij zijn gericht op het overcriminaliseren van situaties die gemakkelijk buiten het gerechtelijk apparaat kunnen worden afgehandeld, door bemiddeling, bijvoorbeeld. Hieruit ontstaat een enorme toename van het aantal strafzaken bij de rechtbanken waardoor de doorlooptijden van de procedures overdreven lang worden, terwijl die zaken gemakkelijk met een gerechtelijk bevel konden geregeld.
Na het voortdurend falen van de strengere straffen, ingevoerd met een snelle reflex-wet, en naar aanleiding van de op stapel staande hervorming van de Spaanse strafwet, vragen ook de professionelen en sociale sectoren effectieve en gepaste alternatieven voor de criminele realiteit. Onder hen zijn rechters, aanklagers, advocaten en professoren strafrecht met een voor de hand liggende opleiding en ervaring. Geconfronteerd met de achterhaalde methode van de strengere straffen, vragen zij alternatieven voor opsluiting als vast onderdeel van het strafsysteem waarbij de rehabilitatie van het individu het hoofddoel blijft. Zij willen een systeem dat permanente oplossingen biedt en de mislukkingen van het kortetermijndenken aanpakt. Zij willen een crimineel beleid dat gepast en in verhouding tot de omstandigheden van de gestrafte, reageert. Op basis van deze stroming in het debat, heeft de Andalusische Federacion Enlace een aantal uitgewerkte voorstellen ingediend (zoals in 2002 en 2003 voor gelijkaardige hervormingen) om onze wetgeving te veranderen richting straffende socialisatie, voorstellen die boven alles humaan en nuttig voor de gemeenschap zijn. Voor drughandel stelt Enlace voor de huidige disproportionele straffen te verminderen. Volgens het bestaand strafwetboek, kan iedereen die handelt in verboden stoffen veroordeeld worden tot een gevangenisstraf van 3 tot 9 jaar of 1 tot 3 jaar, als er geen ernstige gezondheidsschade wordt veroorzaakt. Bij ernstige gevallen drijft dit de straf nog op. Federacion Enlace stelt voor om deze straffen te herleiden naar 18 maand tot 3 jaar of 6 maand tot 1 jaar, waarbij het hof de mogelijkheid heeft deze straffen te verlagen in verhouding tot de hoeveelheid van de stof die werd aangetroffen. Het wijzigingsvoorstel dat nu voorligt wil deze onevenredigheid ook verhelpen, maar wil deze straffen maar ‘verlagen’ naar 3 tot 6 jaar en 1 tot 3 jaar, een wijziging die ons echt wel onvoldoende lijkt.
Andere wijzigingen die Andalusische Federatie voorstelt zijn het versoepelen van het uitzitten van gevangenisstraffen, het toepassingsbereik hiervoor verbreden en de opname van andere alternatieven zoals bemiddeling in strafzaken, iets dat in geen eeuwen nog is toegepast in de Spaanse staat. Samengevat komt het er op neer dat het Spaanse strafrecht zelf schadelijk is voor mensen die verboden stoffen gebruiken. De praktijkgevallen zullen zich blijven voordoen, zoals we weten. Vandaag hebben we al de ervaring dat de Spaanse wetgever meestal doof blijft voor dit soort voorstellen, omdat de machtspartijen al afspraken hebben gemaakt met de oppositie om de repressieve hervormingen vlotjes door het proces te krijgen. Door: Enlace (met de hulp van Peter Webster) N.B.ENCOD HEEFT JOUW STEUN NODIG: Rekeningnr.: 001- 3470861-83 Att. ENCOD vzw - België Bank: FORTIS, Warandeberg 3, 1000 Brussel IBAN: BE 14 0013 4708 6183 SWIFT: GEBABEBB Dit artikel beantwoorden |