NL: SLUITING GEBRUIKERSRUIMTE WEGENS SUCCESpublished dinsdag 18 december 2007 12:25, door encod . update maandag 14 januari 2008 23:53 Alle versies van dit artikel: [Deutsch] [English] [Nederlands]UTRECHT - Twee verslaafden zitten te slapen in gebruikersruimte De Stek. Ze slapen met hun hoofd op tafel, half verborgen onder dekens en jassen. ‘Ik moet er niet meer aan denken er zo bij te zitten. Slapende zombies noemen we dat’, zegt Leo Selhorst (39). Selhorst was vijf jaar geleden de eerste verslaafde die de gebruikersruimte vlak bij het Utrechtse Centraal Station binnenkwam. Het was tevens zorgcentrum, onder meer voor medische zorg aan verslaafden. ‘Nou ja, eigenlijk was de eerste bezoeker een Antilliaanse dealer, maar die werd meteen weggestuurd.’ Gisteren werd deze gebruikersruimte gesloten. ‘Wegens succes’, aldus wethouder Van Eijk van Welzijn. Want waren er in 2002 nog 250 toegangspasjes voor drie gebruikersruimten, uitgegeven aan verslaafden, nu hebben er nog 80 een pasje. Daarmee kunnen ze terecht bij de laatste grote gebruikersruimte. De meeste Utrechtse verslaafden hebben inmiddels een dak boven hun hoofd. Berucht was destijds de aanvoergang onder winkelcentrum Hoog Catharijne; een stinkend, donker krocht, waar verslaafden elkaar naar het leven stonden. Bewoners en winkeliers klaagden steen en been over deze zogeheten junkentunnel. Inmiddels is die afgesloten en in gebruik bij de Mediamarkt. Leo Selhorst hing vanaf zijn veertiende rond op Hoog Catharijne. ‘Hij sliep waar hij maar kon slapen’, zegt zijn maat Menno. ‘Die tunnel was echt een hel.’ Nu wonen Leo en Menno in het hostel Wittevrouwen. Hostels zijn woonvoorzieningen voor verslaafden, waarvan er sinds 2001 zeven zijn geopend in verschillende wijken in de stad. In februari 2008 gaat de achtste open, een jaar later volgt de negende en laatste in Leidsche Rijn. Sinds ze onderdak hebben, zie je Leo en Menno niet vaak meer rond Hoog Catharijne. ‘Wat moet je nog in de stad als je een warme kamer hebt’, zegt Leo. ‘Ja, boetes kun je er krijgen’, vult Menno aan. Leo werd vroeger Speedy Spijker genoemd, nu heeft hij een buikje. ‘Ik ben flink aan het uitdijen. Ik zie al die verslaafden dikke koppen krijgen in het hostel. Je gaat vanzelf minder gebruiken als je een kamer hebt. Je hebt regelmaat en je hebt wat te doen.’ Voorheen was Leo inbreker; hij stal autoradio’s. Tegenwoordig maken de twee schoon in het hostel, en doen er klussen. Voor nieuwe bewoners schilderen ze de kamer. ‘Hij kijkt nog steeds hoor, als hij een mooie autoradio ziet, maar hij laat ze nu zitten’, zegt Menno. Utrecht is van de grote steden koploper met verslaafdenopvang, zegt Van Eijk. De hostels openen was een moeizaam proces. Veel buurten stonden op hun achterste benen toen bekend werd dat er verslaafden kwamen wonen. Maar na de opening kwamen er weinig klachten over de bewoners. ‘We zagen de verslaafden snel opknappen in de hostels’, zegt beleidsmedewerker Annet van den Akker van de GG & GD. ‘Het was een triomf toen de verslaafden zich begonnen te vervelen van het de hele dag Animal Planet kijken.’ Dus krijgt in de gesloten gebruikersruimte het uitzendbureau Dagloon voor (ex-)daklozen meer ruimte. Er komen meer activiteiten om de verslaafden aan de slag te krijgen, zegt Van den Akker. Maar de laatste twee bezoekers van De Stek, met de dekens over hun hoofd, willen nog niet weg: ‘Jammer dat het hier dicht gaat.’ Dit artikel beantwoorden |